Spelverloop
Bij Texas Hold'em krijgt elke speler aan tafel 2 kaarten. Deze kaarten worden dicht gedeeld, zodat
alleen de speler voor wie ze zijn deze kan zien. Vervolgens komen er 5 open kaarten op tafel te liggen.
Deze vijf kaarten mogen door iedere speler worden gebruikt om zo zijn beste 5 kaarten combinatie te maken.
Het maakt verder niet uit waaruit die combinatie bestaat. Zo kunnen beide kaarten in de hand worden gebruikt, slechts
één van de twee, of geen van beide. Wie aan het einde de beste vijf kaarten combinatie laat zien heeft gewonnen.
'But betting is where this game is really about' zoals ze in de VS zeggen, oftewel: Wedden is waar dit spel echt om
draait.
Nadat iedere speler twee kaarten zijn toegedeeld volgt er een bied ronde. Iedere speler krijgt hier de kans om te 'raisen'
(verhogen), te 'callen' (meegaan met een verhoging van een voorgaande speler), te 'checken' (in het geval er nog niet verhoogt
is en de speler aan zet wenst dit ook niet te doen) of te 'folden' (de speler gaat niet mee en gooit z'n kaarten weg). Na
deze biedronde komen er drie open kaarten op tafel te liggen. Nu volgt er opnieuw een ronde waarin kan worden verhoogd. Daarna
komt de vierde kaart op tafel te liggen, en nieuwe biedronde volgt, en tenslotte wordt ook de vijfde kaart op tafel gelegd.
Na deze vijfde kaart kan er nog één keer worden geboden waarna de 'showdown' volgt, iedere speler die nog in de pot zit
laat zijn kaarten zien om de winnaar te bepalen.
De 'Blinds'
De eerste twee spelers die kaarten krijgen toegedeeld zijn verplicht om 'blinds' in te zetten. Dit is een verplichte
inzet die deze spelers moeten doen zonder hun kaarten te hebben gezien. De eerste speler zet de 'SB' (Small Blind) in en
de tweede speler de 'BB' (Big Blind), de BB is meestal het dubbele van de SB. De overige spelers krijgen eerst hun twee
kaarten te zien en kunnen daarna beslissen of ze de BB 'callen' (je wilt de hand meespelen en dus moet je een bedrag gelijk
aan de BB in de pot doen), 'raisen' (je wilt meedoen en wil de pot groter maken door meer in te zetten dan de BB) of dat ze
besluiten te 'folden' (ze doen niet mee en hoeven dus ook niks in de pot te leggen).
De 'Showdown'
Indien er aan het einde van de speelronde nog twee of meerdere spelers in de pot zitten volgt de showdown. Iedere speler laat
nu zien wat hij of zij heeft en zo wordt gekeken wie de beste 'hand' (de beste vijf kaarten combinatie) heeft en dus de pot
wint. Hierbij wordt de ladder aangehouden zoals deze op pagina 1 staat aangegeven. De speler die het
hoogste op de ladder staat heeft gewonnen. Nou komt het regelmatig voor dat twee spelers eenzelfde soort kaarten combinatie
hebben gehaald. Als dit het geval is wordt de winnaar bepaald op de volgende manier:
Spelers hebben beide:
- Highest Card: Indien de hoogste kaart van beide spelers gelijk is wordt naar de tweede hoogste kaart gekeken. Is deze ook
gelijk dan kijken we naar de derde hoogste kaart, dan de vierde en soms moet de vijfde kaart zelfs de beslissing brengen.
- One Pair: Het hoogste paartje wint. Indien deze gelijk is geeft de hoogste kaart ernaast de beslissing, dan de tweede hoogste
ernaast en misschien moet de derde hoogste kaart ernaast wel de beslissing brengen.
- Two Pair: Het hoogste paartje wint. Daarna geldt het tweede hoogste paar, en tenslotte de hoogste kaart ernaast.
- Three of a kind: De hoogste 3 of a kind wint. Daarna de hoogste kaart ernaast en dan de tweede hoogste ernaast.
- Straight: De hoogste straat wint.
- Flush: De Flush met de hoogste kaart wint. Is deze gelijk dan wint de flush met de tweede hoogste kaart, dan de derde,
dan de vierde en dan de vijfde hoogste kaart.
- Full House: De hoogste '3 of a kind' binnen de full house wint. Daarna het hoogste paar.
- Four of a kind: De hoogste four of a kind wint.
- Straight Flush: De hoogste straat wint.
- Royal Flush: Deze kunnen nooit twee spelers tegelijk hebben.
Hierboven wordt steeds gesproken van 'de hoogste'. Hierbij wordt een kaart volgorde aangehouden met de Aas als hoogste kaart
en de 2 als laagste.
Tenslotte
Een veelgehoorde uitspraak in de VS luidt: 'It takes a minute to learn, but a lifetime to master'. Deze uitspraak geeft aan
dat het eenvoudig is om het spelletje te leren spelen, maar dat je er een leven lang over doet om het spel echt goed
te kunnen spelen. Daarom geldt (even als bij veel andere dingen in het leven) ook voor poker: Oefening baart kunst!!