Aan het begin van het spel gooien beide spelers een enkele dobbelsteen. De speler met het hoogste aantal 'pips' (ogen) mag
beginnen. Voor de eerste zet gebruikt deze speler de zojuist gegooide pips.
Elke beurt wordt er met twee dobbelstenen geworpen. De checkers (stenen) mogen nu verplaatst worden aan de hand van de
gegooide pips. Dit kan door één checker het totale aantal pips van de twee dobbelstenen te verplaatsen, of twee checkers ieder
het aantal pips van een verschillende dobbelsteen. Gooi je dus bijvoorbeeld
en , dan kun je één checker 7 stappen verplaatsen, of één checker 5
plaatsen en een andere checker 2 plaatsen opschuiven. Op het al dan niet verplaatsen van bepaalde checkers is de volgende
regel van toepassing: Een checker kan alleen worden verplaatst naar een punt (driehoek) die:
vrij is
die bezet is door eigen checkers
die bezet is door slechts één checker van de tegenstander.
Checkers moeten indien mogelijk altijd worden verplaatst in overeenkomst met het gegooide aantal pips. Als er maar één
dobbelsteen kan worden gespeeld dan dient dit altijd de dobbelsteen met het hoogste aantal pips te zijn, voor zover mogelijk.
Wanneer een speler dubbel gooit, mogen er vier zetten worden gedaan. Gooi je bijvoorbeeld
en dan kun je kiezen om:
één checker 12 stappen te verplaatsen
één checker 3 stappen en een andere checker 9 stappen te verplaatsen
twee checkers ieder 6 stappen te verplaatsen
vier checkers ieder 3 stappen te verplaatsen.
NB: Verplaatsingen dienen altijd per worp van één dobbelsteen te worden gedaan. Gooi je dubbel 3, en je wilt graag één
checker 12 stappen verplaatsen, dan is dit dus alleen mogelijk indien de punten vrij zijn die 3, 6, 9 en 12 stappen van het
huidige punt verwijderd zijn.
Punten die bezet zijn door twee of meerdere checkers van een speler zijn op dat moment eigendom van deze speler. De tegenstander
kan op dit moment niet met zijn checkers op dit punt landen, er kan wel overheen worden gesprongen. Als een speler meerdere
punten achter elkaar bezit, noemen we dit een 'prime'. Als het je lukt om zes punten achter elkaar te bezitten heb je een 'full
prime' en is het voor de tegenstander niet mogelijk om hier langs te komen (er kan nooit meer dan 6 worden gegooid met een
dobbelsteen).
Als er slechts één checker op een punt staat noemen we dit een 'blot'. Op dit moment is de speler géén eigenaar van het punt en
wordt geslagen als de tegenstander op hetzelfde punt beland. De steen van de geslagen speler wordt dan op de bar (de rand in
het midden van het bord) gelegd. Als een speler aan de beurt is die nog checkers op de bar heeft liggen (één of meerdere stenen
van hem/haar is geslagen) mag deze geen andere zetten doen voordat deze checkers weer in het spel zijn gebracht. Een checker
kan in het spel worden gebracht door met een dobbelsteen het aantal pips te gooien dat overeenkomt met een punt dat nog vrij is
of die door een enkele steen van de tegenstander bezet is (een blot). Als dit niet mogelijk is gaat de beurt weer over naar de
tegenstander. We kijken naar de volgende situatie:
De speler die met paars speelt heeft hier een geslagen steen op de bar liggen. De speler is nu aan de beurt en gooit
en . Omdat
zowel punt 4 als punt 6 eigendom is van oranje, kan paars de geslagen steen niet kwijt en moet dus een beurt wachten. Oranje
is nu weer aan de beurt.
Op het moment dat een speler al zijn vijftien checkers in zijn home board heeft weten te krijgen begint 'The Bear Off'. Dit is
het moment waarop je je checkers het bord af speelt. Je haalt de checkers van de punten in overeenstemming met met de worpen
die je gooit. Gooi je bijvoorbeeld en
, dan haal je een checker van de vijfde en een checker van de tweede
punt af. Dit is natuurlijk alleen mogelijk indien er ook nog checkers op deze punten staan. Heb je bij deze worp alleen nog
checkers op de eerste, de tweede en de zesde punt staan dan kun je een checker van de tweede punt weghalen en een checker van
de zesde punt verschuiven naar de eerste punt. Het is ook toegestaan om een andere mogelijke zet te doen dan het weghalen van
een checker op de punt die overeenkomt met de worp. Om weer terug te komen op de 5/2 worp, je kunt hier ook een checker van
punt 6 naar punt 1 verplaatsen en een checker van punt 6 naar punt 4. Dit kan vooral van pas komen wanneer de tegenstander nog
een checker op de bar heeft liggen, waardoor deze jou zou kunnen slaan als er een blot op de zesde punt komt te liggen.
Als je hoger gooit dan de punten waarop je nog stenen hebt liggen, dan mag je een steen weghalen bij het punt dat op dat moment
het hoogste is. Bijvoorbeeld: Je hebt nog 2 checkers liggen op punt 1, nog 1 checkers op punt 2 en nog 3 checkers op punt 3.
Je gooit nu en .
Je moet nu twee checkers weghalen op punt 3 aangezien dit het hoogste punt is waarop je nog checkers hebt liggen. NB: Het is ten alle tijden verplicht om een zet te doen indien mogelijk. Door het weghalen van twee checkers op punt 3
komt er nu een blot te liggen. Dit is vervelend indien de tegenstander nog een checker op de bar heeft liggen, toch ben je
verplicht om de checkers weg te halen en zo de blot te creëren.
Als je al bent begonnen met het weghalen van checkers en je wordt geslagen dan dien je eerst de geslagen checker weer in het
spel te spelen, terug te brengen naar het home board alvorens er weer stenen kunnen worden weggespeeld.
Op het moment dat een speler veel vertrouwen heeft in een goede afloop kan deze voorstellen om voor dubbele punten verder te
spelen. Als de tegenstander dit voorstel verwerpt heeft de voorstellende speler gewonnen en krijgt de inzet waarom op dat
moment werd gespeeld. Als de tegenstander het aanbod accepteert wordt er om een dubbele inzet verder gespeeld. De accepterende
speler is in het vervolg van het spel de enige speler die een nieuw verdubbelingsaanbod kan maken. Op het moment dat de
tegenstander de nieuwe verdubbeling weer accepteert is deze degene die in het vervolg weer een nieuw aanbod mag doen etc. etc.
Om de nieuwe inzet aan te geven wordt de verdubbelingsdobbelsteen gebruikt. De bovenzijde van deze steen geeft aan om hoeveel
punten (of hoeveel keer de inzet bij geldspelen) er wordt gespeeld.
Op het moment dat een speler al zijn checkers van het bord heeft gespeeld wint deze het aantal punten dat wordt aangegeven door
de verdubbelingsdobbelsteen. Een uitzondering is wanneer de tegenstander nog niet één checker van het bord heeft weten te spelen,
we noemen dat een gammon. Een gammon betekent dat de winnaar 2x de inzet aangegeven door de verdubbelingsdobbelsteen wint. Het
ultieme is een backgammon wat inhoud dat de verliezer nog checkers heeft staan in het home board van de winnaar of op de bar.
In dit geval wordt er gespeeld om 3x de inzet aangegeven door de verdubbelingsdobbelsteen.
Er kan met een spel worden gespeeld tot één speler een bepaalde score heeft behaald, zo'n spel noemen we een serie. Degene die
als eerste het afgesproken aantal punten heeft behaald krijgt de inleg.
Er kan ook worden afgesproken om een los spel te spelen. In dit geval wordt er gewoon één spel gespeeld, en krijgt de winnaar van
dat spel de inzet maal de stand van de verdubbelingsdobbelsteen maal een eventuele gammon (2) of een backgammon (3). Er kan ook
een limiet worden afgesproken om het niet uit de hand te laten lopen.